Waarom we zo’n hekel hebben aan deugneuzen (en wat dat over ons zegt) “Ik zeg dit uit liefde” en andere zinnen waar je voor moet oppassen

Goed bedoeld advies

Welkom terug in Officeland. Waar de koffieautomaat overuren draait en… waar sommige mensen rondlopen met zo’n innerlijk kompas dat ze precies weten hoe jíj je leven zou moeten inrichten.

Niet de types die je openlijk afvallen.

Nee.

De gevaarlijkere variant.

De mensen die rustig naar je toeleunen en zeggen: “Mag ik je iets meegeven?” Om vervolgens nét iets te lang te blijven hangen in je persoonlijke ruimte en af te sluiten met: “Ik zeg dit echt om jou te helpen… dat weet je toch hè?”

Precies. Die.

Eerst even dit

Roos Vonk, hoogleraar sociale psychologie aan de Radboud Universiteit, zegt dat mensen zich vaak ergeren aan ‘goede’ of principiële mensen. Niet omdat die ander zo vervelend is, maar omdat die ander iets doet wat veel ongemakkelijker is: ze houden je een spiegel voor.

Dus als iemand ergens voor staat en niet meebuigt, denkt de ander: blijkbaar zou ik dit ook moeten doen… en dat doe ik niet.

Dat schuurt.

Dat gevoel willen mensen zo snel mogelijk kwijt.

En wat doen mensen dan?

Niet altijd bewust, maar wel voorspelbaar: ze relativeren, bagatelliseren of gaan corrigeren. Niet omdat jij fout zit, maar omdat zij niet willen voelen dat ze zelf iets laten liggen.

Ik kwam daarnaast een studie tegen van de Durham University (2023, gepubliceerd in Appetite). Daaruit bleek dat mensen hun gedrag aanpassen zodra ze geconfronteerd worden met de impact ervan (bijvoorbeeld via waarschuwingen op vleesconsumptie).

Maar wat als die confrontatie weerstand oproept? En wat als iemand die weerstand niet bij zichzelf legt, maar bij jou? 

Ik neem je mee naar ruim 6 jaar geleden

Ik had al een kwart eeuw een vriend. We deelden vakanties, gesprekken en het leven. En eerlijk is eerlijk: ik keek ook tegen hem op. Hij had in z’n eentje een zeer succesvol bedrijf opgebouwd, straalde zelfverzekerdheid uit en was in zijn overwegingen doordacht.

Ik dacht: daar kan ik nog wat van leren.

Hij gaf duiding en richting. En ik? Vroeger maakte ik mezelf kleiner omdat ik bang was om afgewezen te worden en mezelf minder vond dan anderen.

Dat werkte.

Totdat het niet meer werkte

Want ik was veranderd. Ik stond steviger. Nam veel meer ruimte in. En maakte keuzes die voor mensen die mij al lang kenden niet altijd even comfortabel waren, maar wel voor mij klopten.

Ik stond steviger.
Ik had een bedrijf.
Ik maakte keuzes.

Deze vriend vroeg wat mijn bedrijfsdoelen waren. “Onafhankelijk worden en een een financiële muur bouwen voor mij en mijn kinderen”, zei ik vanuit de gedachte dat vrijheid, veiligheid en onafhankelijkheid geld kosten. Ik had besloten om daar zelf voor  te zorgen. 

Vanaf dat moment liep het scheef tussen hem en mij.
Het begon met de lesjes die ik van hem kreeg.

Lesje 1: Mijn bedrijfsdoelen deugden niet

Hij zei:

“Je doelen zijn te klein.”
“Je zou iets moeten doen dat groter is dan jezelf.”
“Iets voor de wereld.”
“Je gaat alleen voor je eigen gewin.”

Klinkt mooi, tot je ziet wat eronder zit.

Zijn basis was geregeld. Dan is het makkelijk praten over idealen terwijl jij nog midden in de opbouw zit. En zelfs als je zelf altruïstisch leeft, is dat niet de maatlat voor een ander. Zolang jij mijn hypotheek niet betaalt, heb je geen enkel recht van spreken (en daarna overigens ook niet). 

De echte vraag is natuurlijk niet wat hij zegt, maar wat ik ermee doe. Gebruik ik dit als informatie over zijn perspectief of als oordeel over mijn eigen keuzes? Daar begint of iets je voedt in scherpte en bewustzijn of dat het gaat schuiven richting twijfel aan jezelf.

Dat ik geen filantroop ben, betekent overigens niet dat ik graai, snaai of elke klus aanneem. Als er vooral behoefte is aan bevestiging van bestaande beelden in plaats van echte reflectie, dan zeg ik bel me vooral niet. Ik kies daarin mijn opdrachten bewust: niet overal en niet met iedereen.

Ik geef ook niet iets zomaar ‘gratis’ weg.

Gratis neem je makkelijk, zonder nadenken of commitment en vaak zonder dat het echt landt. Dát is waar het schuurt. Als je ergens niet in investeert — tijd, aandacht, geld, energie — dan voelt het ook niet als iets wat ertoe doet. Dan wordt het iets wat je net zo makkelijk weer laat liggen als dat je het kreeg.

Ik werk niet voor erbij.

Ik geef wel gratis, maar nooit zonder meer. Er moet iets tegenover staan: betrokkenheid, serieus nemen wat er gebeurt en de bereidheid om te kijken naar jezelf. Zonder voelt het voor mij als een enorme energielek en is er een mismatch tussen wat je geeft en terugkrijgt. Dat zit niet per se in geld, maar in aandacht, respect en aanwezigheid. Daar wordt niemand beter van.

De eerste keer dat ik dat ik voelde wat er met je gebeurt als die balans structureel scheef trekt, lees je in lesje 2.

Lesje 2: De talk

Ik gaf een op maat gemaakte TED-talk voor een gemeente. Gratis. Niet omdat ik dacht: leuk voor erbij, maar omdat ik net begonnen was, weinig omzet had en serieus investeerde: €500 voor een speechschrijver, tijd, aandacht, alles erop en eraan.

Dus nee, dat was geen hobbyprojectje. Dat was gewoon werk. Alleen dan zonder factuur.

Wat kreeg ik ervoor terug?

Een afdelingsoverleg dat compleet uitliep. Terwijl ik vooraf expliciet had aangegeven hoe laat ik weg moest omdat ik daarna nog een afspraak had.

Ik zat daar. Klaar. Te wachten.

De opdrachtgeefster zat een paar rijen voor me. Waar ze eerder nog even achterom keek, gebeurde nu het tegenovergestelde: ze keek niet meer. Ik was opeens uit beeld verdwenen. Dus ik appte haar of ze wilde ingrijpen en we konden starten.

Geen reactie.

Het overleg ging door en – alsof het nog niet surrealistisch genoeg was – werd er ook nog even een rookpauze ingelast. Mensen stonden op en liepen naar buiten. En zij? Nergens te bekennen. Daar stond ik met mijn op maat gemaakte verhaal. Gratis wel te verstaan. 

De talk zelf ging goed. Inhoudelijk viel alles op zijn plek en er werd aandachtig geluisterd.

En daarna?

Geen hand, geen blik, geen “Dank je wel”, een bloemetje of een lullig doosje Merci. Ze liep niet eens mee naar de deur. Wel kreeg ik een daverend applaus.

Daar sta je dan met je applaus.

Ik zei tegen die vriend: “Ik voel me gebruikt. Ik voel me gewoon… gehoereerd.” Niet chic, wel eerlijk.

Zijn reactie?

“Vind ik wel van Hanneke. Heftig. Je moet ook wat weggeven. Als ondernemer doe je dat. Ik ook.” Kijk, dat klinkt prachtig. Bijna spiritueel alsof we allemaal hand in hand de wereld een stukje mooier maken, terwijl de rekeningen ondertussen zichzelf betalen.

Alleen: zijn rekeningen wáren al betaald.

Het is makkelijk praten over geven als je zelf allang niet meer hoeft te kiezen tussen investeren of je boodschappen betalen. Als er genoeg vlees op de botten zit, voelt ‘weggeven’ ineens verdacht veel als ‘een beetje uitdelen van je overschot’.

Begrijp me niet verkeerd: natuurlijk geef je als ondernemer dingen weg, maar niet ten koste van jezelf. En al helemaal niet in een vacuüm van nul respect en nul wederkerigheid.

Wat me misschien nog wel het meest bijbleef, kwam pas later weer boven. Tijdens corona moest hij mensen ontslaan. Mensen die net een huis hadden gekocht. Hun baan hadden opgezegd om bij hem te werken. Ik vroeg hem: “Hoe is dat voor jou?” “Daar kan ik niet over nadenken.” En hij reed weer weg in zijn vette bak.

Interessant? Vind je niet dat de morele lat vaak indrukwekkend hoog ligt zolang hij voor een ander bedoeld is.

De uitsmijter (letterlijk)

Hij leende mijn camper. En bracht hem terug met lakens die vol zaten van heftige zwoele gepassioneerde nachten. Mijn wasmachine maakte overuren.

Wat me fascineert,
is niet eens de passie.

Het is wat er níet was.

Geen bloemetje. Geen kaartje.
Geen lullig doosje (daar is-ie weer).

Wel een foto.

Daarop zag ik de uitgeschoven luifel van de camper. Zonder uitgedraaide poten maar kunstig op een bezemsteel balancerend. Eén windvlaag en hij was niet alleen gesneuveld, maar had zo de hele wand van mijn camper meegetrokken.

Het laatste gesprek

Ik voelde me niet alleen weggezet als graaier, maar ook miskent en gebruikt. Daar is dat woord weer: gebruikt. Toen wist ik nog niet dat dit iets fundamenteels voor mij was. Een van mijn kernwaarden zelfs. Als het niet wederkerig is, weet ik nu: dan klopt het niet voor mij.

Anyway: ik wilde geen gelijk. Ik wilde begrip. Dit ging me echt te ver. En na 25 jaar negeer je dat niet. Dan zoek je elkaar op.

Ik belde hem op en stelde voor om ergens rustig te gaan zitten. Even echt de tijd te nemen om met elkaar te praten. Niet tussendoor, niet gehaast, maar met aandacht. Zoals je dat doet als iemand je dierbaar is.

Dat wilde hij niet: “Zeg gewoon nú wat er is.” Dat hij er geen zin in had, voelde ik meteen.

Ik dacht: als ik het rustig uitleg, als ik vertel hoe ik het heb ervaren… dan begrijpt hij het en lossen we het samen op. 

Dat gebeurde niet.

Het werd geen uitwisseling of poging om elkaar echt te begrijpen. Hij snapte het van die luifel (lekker praktisch), maar verder kwam er geen enkele vorm van reflectie, erkenning of verantwoordelijkheid. In plaats daarvan zei hij:

“ Die adviezen gaf ik je uit liefde.”
“ We hadden die camper gewoon niet moeten lenen.”
“ Jij moet dingen geven zonder er iets voor terug te willen.”
“ Ik doe dat wel. Dat is veel gezonder.”

De uitsmijter was van hem: “Dit druist in tegen mijn kernwaarden. Ik geloof niet dat wij verder kunnen.”

Dat was het.

Hij had meerdere van die Amerikaanse leiderschapsweekenden gevolgd waarin je in grote groepen wordt meegenomen in energie, positiviteit en reflectie. Dagen waarin wijsheden worden gedeeld, je je bewuster van jezelf wordt en je veel inzichten krijgt. Drie dagen later kom je terug met het gevoel dat je alles beter ziet dan daarvoor (en daardoor verder bent dan de rest?).

En misschien — ik zeg misschien — gebeurt daar nog iets anders.

Als je eigenaar bent van een succesvol bedrijf, leef je al snel in een bubbel. Een wereld waarin mensen je bewonderen, je volgen en je zelden echt tegenspreken. Waarin zelfs je middelmatige ideeën applaus krijgen en kritiek voorzichtig wordt ingepakt of helemaal uitblijft.

Dat doet iets met je.

Dan ga je een beetje zweven. Ga je geloven dat alles wat je doet klopt. En als niemand je corrigeert, ga je geloven dat je onoverwinnelijk bent en de regels voor jou net anders gelden. Dat jij geen fouten maakt. 

Ik zeg niet dat dit over hem gaat. Maar het schoot wel even door mijn hoofd. Er is zelfs een term voor — het godscomplex — daar schrijf ik volgende week meer over.

Zie je wat er echt misging?

Het probleem is niet dat iemand waarden heeft. Het probleem ontstaat als iemand die waarden gebruikt om jou kleiner te maken. Dan worden waarden geen kompas, maar een wapen.

Dit ging niet meer over wat er was gebeurd.

Dit ging over hoe hij niet geconfronteerd wilde worden met zijn blinde vlekken. En dat is het moment waarop iets breekt. Niet wanneer er iets misgaat, maar wanneer de ander jouw werkelijkheid niet meer wil onderzoeken, maar met zijn meetlat duidt.

Wat begon als een gesprek over gedrag, eindigde in een oordeel over mijn karakter. Dit zie je overal. Niet alleen in deze vriendschap, maar ook op kantoor in samenwerkingen. Je ziet het bij die collega die feedback geeft en vervolgens het label ‘lastig’ krijgt. Bij die medewerker die grenzen stelt en ineens ‘niet flexibel’ is.

Volgens Roos Vonk gebeurt er dan iets heel menselijks. We worden geconfronteerd. Met gedrag, met keuzes, met iets wat schuurt met ons eigen verhaal. En in plaats van dat ongemak te onderzoeken, verschuiven we het. Niet: “wat zegt dit over mij?”, maar: “dat zegt wat over jou?”

Dan gebeurt er iets gevaarlijks.

Het probleem is niet dat iemand waarden heeft. Het probleem ontstaat wanneer iemand die waarden gebruikt om jou kleiner te maken.

Degene die iets benoemt… wordt het probleem en de spiegel wordt een aanval.

Dat is makkelijker en veiliger ook. En dat gebeurde tussen mij en die vriend. Soms heb je niet alleen te maken met een deugneus, maar met iemand die zó vastzit in zijn eigen gelijk, dat elk scheurtje daarin bedreigend voelt. Zulke mensen kunnen slecht verdragen dat ze falen, tekortschieten of door een ander worden doorzien.

Dan gebeurt er iets klassieks: projectie.

Jij wordt:

  • de lastige;
  • de ondankbare;
  • de manipulator.

Je krijg de motieven toegeschreven die van de ander zijn terwijl je eigenlijk iets heel simpels doet: benoemen wat niet klopt.

Dit sluit naadloos aan bij dat onderzoek van Durham University, waarin mensen hun gedrag aanpassen zodra ze geconfronteerd worden met de gevolgen ervan, maar dat gepaard gaat met weerstand. Dat maakt dit soort contact zo verwarrend: je denkt dat je praat over wat er gebeurd is, maar in werkelijkheid ben je terechtgekomen in de verdedigingslinie van iemands ego.

Voor mij bleef er maar één beweging over: afstand.

💔 25 jaar

 En toen was het klaar. Ik zie hem niet meer. En weet je? Dat is oké. Dit ging nooit over die camper. Dit ging over een fundamenteel verschil in hoe we kijken naar geven en (verantwoordelijkheid) nemen.

Dus laat me dit tegen je zeggen: Als jij iemand in je leven hebt die: jou lesjes geeft, jouw keuzes moraliseert, jouw grenzen verdraait en zichzelf buiten schot houdt… laat je niet van de wijs brengen.

Echt niet!

Je normen en waarden zijn niet verkeerd. Je hoeft jezelf niet kleiner te maken om in iemands morele plaatje te passen.

3 tips om met goedbedoelde adviezen om te gaan

  1. Laat je niet vangen in morele discussies: “Dit gebeurde. En dat klopt voor mij niet.”
  2. Check wie er risico draagt: iemand die al veilig zit, praat makkelijker over idealen.
  3. Vertrouw je eigen kompas: als iets niet klopt, dan klopt het niet. Ook als iemand het verpakt als: liefde, goede bedoelingen of wijsheid.
En jij?

Je bent niet ‘minder’ omdat je leeft volgens je eigen morele meetlat.

Wil jij leren hoe je stevig blijft staan zonder jezelf te verliezen, ook als iemand jouw werkelijkheid probeert te verdraaien? Ik help je graag.

Doe mee met de gratis masterclass!

Dinsdagavond 28 april om 19.00 uur.
Tips om je grenzen aan te geven, ook als je collega’s lastig zijn.

Ontdek waarom je in sommige situaties kleiner wordt dan nodig is en wat je kunt doen zodat dat verandert.

Je krijgt inzicht:

  • In de wisselwerking tussen jou en je collega;
  • De 3 lastigste typen collega’s en tips hoe je ermee omgaat
  • Hoe je je grens zo aangeeft dat die beter landt.

Je las een blog van moi
Hanneke Zumker
Coach & mediator

Klantervaringen

Fijne werkweek!

Hanneke Zumker coach Rotterdam

Facebook
Twitter
LinkedIn
Email
WhatsApp
Print

Eigen Kracht Coaching is gespecialiseerd in zelfvertrouwen op het werk en lastige werkrelaties.

Hanneke Zumker begeleidt als drijvende kracht achter Eigen Kracht Coaching managers en professionals die vastlopen in hun werk.

Professionals die bij Eigen Kracht Coaching komen zijn inhoudelijk sterk, maar passen zich op het werk te vaak aan. Ze slikken in, stellen zich te loyaal op, maken zichzelf kleiner dan nodig is of raken vast in zichzelf door de lat steeds te hoog te leggen. Dat kost invloed, zichtbaarheid en energie. In de coaching leer je stevig je positie innemen, zonder jezelf te forceren of te verharden.

Managers komen bij Eigen Kracht Coaching wanneer hun team in de weerstand zit. Er is gedoe, stil verzet of onderhuidse spanning. Afspraken worden niet nagekomen, gesprekken lopen vast en harder duwen werkt niet meer. In de coaching ontstaat weer beweging in het team door scherp te kijken naar gedrag, patronen en onderlinge verhoudingen.

Het aanbod bestaat uit:

Met meer dan 100 vijfsterrenreviews en een uitgesproken focus op de werkcontext kiest Eigen Kracht Coaching bewust voor mensen die resultaat boven comfort verkiezen. ⭐⭐⭐⭐⭐

Jouw no-nonsense coach in Rotterdam