Ik gaf jarenlang veel meer dan ik terugkreeg en nam genoegen met kruimels. In dit blog lees je hoe dat ontstond, waarom het mijn zelfvertrouwen ondermijnde en wat er veranderde toen ik wederkerigheid serieus ging nemen.
Dit moet je doen om ongelukkig te blijven: geef veel en neem genoegen met kruimels.
Deel 1 van mijn persoonlijke top 5 van wat mensen het meest ongelukkig maakt.
De manier waarop je je vandaag gedraagt, is meestal niet zomaar ontstaan. Ergens in je leven was dat gedrag nuttig. Misschien hielp het je om erbij te horen, conflicten te voorkomen of je veilig te voelen.
Van jongs af aan hoorde ik dat ik het nooit goed deed (of goed genoeg was).
Mijn moeder kon om het minste of geringste ontploffen. Mijn vader was sarcastisch en kon met een opmerking precies die plek raken waarop ik al onzeker was. Ik leerde daardoor scherp letten op stemming, toon en gezichtsuitdrukking. Als klein meisje peilde ik continue hoe de sfeer was. Was het veilig? Kon ik iets zeggen? Of kon ik mezelf beter klein houden?
Op school mocht ik nergens aan meedoen, liep ik moederziel alleen op het schoolplein en werd ik met gym als laatste en dus niet gekozen. Gemene briefjes gingen over mij van tafel naar tafel door de klas. Ik zag het, maar durfde er niets van te zeggen omdat ik bang was om opgewacht te worden.
Ook in mijn eigen straat werd ik gepest. Ze noemden me ‘Pannenkoek’ en maakten me belachelijk. Sommige ouders vertelden me zelfs doodleuk dat ze mijn echte naam niet kenden. Nu ik dit opschrijf, vraag ik me ineens af wat die ouders eigenlijk deden om het pestgedrag van hun kinderen te stoppen. Waarschijnlijk niet zoveel. Maar goed, dat terzijde.
Ik trok me liever terug op mijn kamer, in mijn Barbiewereld. Daar bepaalde ik zelf wat er gebeurde. Ik verzon verhalen waarin niemand werd uitgelachen, buitengesloten of kleiner gemaakt. In mijn fantasie kon ik even ontsnappen aan een wereld waarin ik me vooral ongewenst voelde.
Op de middelbare ging het pestgedrag gewoon door. Ik herinner me dat ik na schooltijd door klasgenoten werd opgejaagd en van mijn fiets viel.
Je snapt dat dit alles mij het gevoel gaf dat er iets goed mis met mij was.
Met rust gelaten worden, erbij horen en aardig gevonden worden: daar was ik dag in dag uit mee bezig. Als vanzelf leerde ik aanvoelen wat andere mensen nodig hadden. Mezelf aanpassen en wegcijferen was mijn mantra. Ik was een people pleaser.
Ik probeerde mijn plek te verdienen
In mijn volwassen leven bleef ik behagen en terwijl ik dit nu opschrijf, denk ik bah wat slap. Maar dat was hoe ik was. Attent, behulpzaam en loyaal. Ik luisterde, organiseerde, regelde cadeaus en stond klaar voor vrienden en familie als zij mij nodig had.
Dat deed ik niet met een bewuste tegenprestatie in mijn hoofd. Ik hield geen lijstje bij. Toch hoopte ik ergens wel dat mijn inzet iets zou opleveren: een vaste plek, waardering en mensen die er ook voor mij zouden zijn wanneer ik hen nodig had.
Ik vroeg mezelf niet af of een contact goed voor mij was. Ik vroeg me af wat ik moest doen om aardig gevonden te worden en erbij te mogen blijven.
Alle liefde is economie
Dat klinkt misschien niet erg romantisch, maar relaties kennen wel degelijk een balans van geven en nemen. Ontwikkelingspsycholoog Steven Pont beschrijft in zijn boek Alle liefde is economie dat mensen in relaties een soort emotionele rekening met elkaar opbouwen. Ik volgde zijn colleges hierover.
Steven zegt dat we niet letterlijk elk gebaar registreren, maar meestal wel voelen wanneer de uitwisseling langere tijd niet meer billijk is. Het hoeft niet precies gelijk te zijn en wat je terugkrijgt hoeft ook niet dezelfde vorm te hebben. Iemand kan praktische hulp geven en aandacht of waardering terugkrijgen.
Econoom Paul Frijters beschrijft in zijn blog Economie is hebzucht en liefde tegelijk nog een andere kant. Mensen geven soms iets van zichzelf op omdat ze hopen daarmee een behoefte te vervullen die ze niet rechtstreeks kunnen afdwingen. Denk aan liefde, verbondenheid, waardering of een gevoel van eigenwaarde. Onze loyaliteit houdt gezinnen, groepen en samenlevingen bij elkaar, maar kan er ook toe leiden dat we onszelf hierdoor ondermijnen. En dat is wat ik jaren deed en waarvan ik nu zeg: dit is de grootste fout die je kunt maken als je gelukkig wil zijn.
Ik ontdekte pas hoe schadelijk pleasen voor mij was toen ik zelf niets meer kon geven
Als ik maar lief, makkelijk en behulpzaam genoeg ben, word ik uiteindelijk echt wel gekozen.
Ik had jarenlang veel voor iemand en diens gezin gedaan en sprong bij als dat nodig was. Dat deed ik graag. Pas toen ik zelf weken in het ziekenhuis lag en het niet goed met mij ging, zag ik hoe verschillend wij de relatie blijkbaar beleefden. Diegene kwam niet naar mij toe. Ik kreeg zelfs geen bloemetje. Toen ik voorzichtig vertelde dat die afwezigheid mij pijn deed, werd dat ontvangen met boosheid. Ik zou te veel verwachtten en te veeleisend zijn.
Ik moest eerst zelf in een ziekenhuisbed belanden om te zien wat ik al die jaren had genegeerd. Ik was intens verdrietig en er knapte iets in mij.
Ik besloot niet langer onvoorwaardelijk aan diegene te blijven geven. Voor het eerst begreep ik dat onbaatzuchtig blijven geven aan een relatie die niet wederkerig was vooral ten koste ging van mezelf. Ik wilde niet langer blijven leven volgens de spelregels die mij klein hielden. Dus begon ik met het aangeven van mijn grenzen. Eerst op mijn werk en in omgevingen waar niemand mij kende. Daar kon ik oefenen met een nieuwe versie van mezelf, zonder dat anderen mij nog zagen als de oude Hanneke.
Bij vrienden die ik al heel lang had, bleef ik een people pleaser
Maar er waren vrienden die ik al heel lang kende en waarbij het ongewoon was dat ik grenzen aangaf. Ik had mijn natuurlijke plek in dat systeem. Dat verander je niet zomaar. Het is net als je iemand van vroeger ziet. Voor je het weet gaan jullie als vanouds met elkaar om. Dat is wat is ingesleten.
Deze vrienden behandelden mij minder dan anderen uit de groep. Ik voelde me soms een trekpop. De ene keer werd er nadrukkelijk op aangedrongen dat ik kwam. Een volgende keer hoorde ik achteraf dat ze zonder mij iets hadden gedaan. Ik werd wel gevraagd om mee te doen aan gezamenlijke cadeaus of iemand door een moeilijke periode heen te helpen. Toen ik zelf iets te vieren of ik het zwaar had, bleef het opvallend stil.
Ik nam genoegen met een paar kruimels en maakte ik in mijn hoofd daarvan een heel brood.
Ik ben graag betrokken bij andere mensen. Ik vind het fijn om te helpen, mee te denken, iets leuks te organiseren of iemand te verrassen. Mijn fout was dat ik bleef geven terwijl ik allang voelde dat er weinig terugstroomde. Ik gebruikte mijn teleurstelling niet als informatie. In plaats van te denken: deze relatie voelt niet gelijkwaardig, dacht ik: misschien verwacht ik te veel.
Geen wonder dat ik weinig zelfvertrouwen had
Zelfvertrouwen gaat niet alleen over geloven dat je iets kunt. Het gaat ook over de waarde die je aan je eigen gevoelens, behoeften en waarnemingen geeft. Iedere keer dat ik een scheve verhouding voelde en mezelf vertelde dat ik niet zo moeilijk moest doen, gaf ik mezelf een boodschap:
- Mijn behoefte is minder belangrijk.
- De boosheid van de ander weegt zwaarder dan mijn teleurstelling.
- Ik moet eerst iets leveren voordat ik aandacht verdien.
- Ik mag blij zijn dat ik überhaupt word uitgenodigd.
- Zo hield ik zelf het oude gevoel in stand dat ik niet goed genoeg was.
- Ik wachtte op andere mensen om mij de waarde te geven die ik zelf nog onvoldoende aan mijn tijd, warmte en aandacht toekende.
Doordat ik bij nieuwe mensen en op mijn werk mijn grenzen al aangaf, voelde ik wat dat me bracht. Samenwerkingen verliepen beter en ik voelde me serieus genomen. Daardoor zag ik nog meer hoe scheef het op andere plekken in mijn leven nog was. Ik ging anders naar oude en vertrouwde contacten kijken.
Voor het eerst vroeg ik me niet af of de ander mij nog wel aardig zou vinden, maar dacht ik na of het contact ook goed was voor míj. En begon ik me uit te spreken. Ik vertelde wat mij raakte, benoemde gedrag dat ik niet prettig vond en gaf mijn grenzen aan. Niet bij ieder klein voorval en ook niet bij iedereen. Wel als iets zich bleef herhalen of wanneer ik merkte dat ik mezelf opnieuw aan de kant schoof om de relatie goed te houden.
Dat vond ik spannend. Mijn oude reflex was om de sfeer te bewaken, begrip op te brengen en vooral geen conflict te veroorzaken. Toch deed ik het: eerst voorzichtig en later steeds duidelijker.
Ik hoopte dat ongelijkwaardige vriendschappen daardoor gelijkwaardiger zouden worden. Bij een aantal mensen gebeurde dat ook. Relaties waarin ruimte was voor eerlijkheid werden juist hechter. Maar er waren ook mensen die mijn nieuwe grenzen niet konden waarderen. Ik bleek welkom zolang ik bleef geven, inschikken en mijn teleurstelling voor mezelf hield.
Dat betekende dat ik afscheid nam van relaties die niet gezond voor mij waren. Ik had inmiddels begrepen dat een relatie mij niet steeds opnieuw hetzelfde oude gevoel mocht geven: dat ik te veel was, niet goed genoeg was of mijn plek moest verdienen.
Als ik die contacten had aangehouden en was blijven meeveren, had ik mijn oude wond (van me niet volwaardig voelen) in stand gehouden.
Iedere keer dat je een grens voelt en niets zegt, maak jezelf en jouw behoeftes onderschikt en en hou je jezelf klein.
Ik nam geen genoegen meer met met kruimels. En ja, dat vroeg zeker moed. Ik moest verdragen dat mensen teleurgesteld of boos op mij konden zijn. Ik moest leren dat een conflict niet automatisch betekende dat ik fout zat en dat een relatie die alleen goed bleef als ik mezelf wegcijferde geen veilige relatie was.
Het heeft me veel gebracht.
Ik sta ’s morgens op zonder dat er meteen zorgen door mijn hoofd schieten. Ik pieker nauwelijks meer en besteed veel minder energie aan wat anderen misschien van mij vinden. Mijn leven is rustiger geworden, juist doordat ik niet langer alles probeer glad te strijken.
En nee, ik ben niet minder warm geworden. Wel ben ik gestopt mijn warmte te geven aan relaties waarin ik zelf verkleumde.
Wat er terugstroomt
Ik hou nog steeds geen boekhouding bij. In goede relaties kan de ene persoon langere tijd meer geven omdat de ander niets te geven heeft. Maar over een langere periode wil ik wel beweging in twee richtingen voelen.
- Neemt iemand ook contact met mij op wanneer ik niets organiseer?
- Is er aandacht voor mij als ik kwetsbaar ben?
- Kan ik een keer niet komen zonder dat de hele relatie onder druk komt te staan?
- Mag ik zeggen dat iets mij pijn doet zonder dat ik daarna degene ben die alles moet repareren?
- Voel ik mij na een ontmoeting gezien of vooral leeg getrokken?
Dat is geen slimme en gezonde manier van kijken. Het is erkennen dat mijn aandacht, tijd en betrokkenheid waarde hebben. Ik kijk wie toegang krijgt tot die warmte. Vroeger was ik vooral dankbaar dat ik ergens bij mocht horen. Nu vraag ik mezelf eerst af of het contact mij ook werkelijk goed doet. En ik maak van kruimels geen heel brood meer.
Mijn zelfvertrouwen groeide toen ik zelf de waarde ging zien van wat ik al die jaren zo gemakkelijk heb weggegeven.
Wil je jouw please gedrag doorbreken?
Veel geven is op zichzelf geen probleem. Het wordt pijnlijk als je jezelf daarbij wegcijfert. In mijn coachtraject ‘Stevig in je schoenen staan op je werk’ onderzoek je waar zulke patronen zijn ontstaan en leer je andere keuzes maken. Je krijgt beter zicht op wat jij nodig hebt, je leert je grenzen eerder herkennen en aangeven en gaat steviger staan in contacten die niet vanzelf gelijkwaardig zijn. Klinkt dit interessant?
Wil je weten of dit traject bij jou past?
Je las een blog van moi
Hanneke Zumker
Coach & mediator
Eigen Kracht Coaching is gespecialiseerd in zelfvertrouwen op het werk en lastige werkrelaties.
Hanneke Zumker begeleidt als drijvende kracht achter Eigen Kracht Coaching managers en professionals die vastlopen in hun werk.
Professionals die bij Eigen Kracht Coaching komen zijn inhoudelijk sterk, maar passen zich op het werk te vaak aan. Ze slikken in, stellen zich te loyaal op, maken zichzelf kleiner dan nodig is of raken vast in zichzelf door de lat steeds te hoog te leggen. Dat kost invloed, zichtbaarheid en energie. In de coaching leer je stevig je positie innemen, zonder jezelf te forceren of te verharden.
Managers komen bij Eigen Kracht Coaching wanneer hun team in de weerstand zit. Er is gedoe, stil verzet of onderhuidse spanning. Afspraken worden niet nagekomen, gesprekken lopen vast en harder duwen werkt niet meer. In de coaching ontstaat weer beweging in het team door scherp te kijken naar gedrag, patronen en onderlinge verhoudingen.
Het aanbod bestaat uit:
- 1-op-1 coaching voor professionals en managers
- Teamcoaching voor teams die vastlopen in weerstand of onderlinge conflicten
- Keynotes en trainingen over sociale veiligheid en communicatie op het werk
Met meer dan 100 vijfsterrenreviews en een uitgesproken focus op de werkcontext kiest Eigen Kracht Coaching bewust voor mensen die resultaat boven comfort verkiezen. ⭐⭐⭐⭐⭐
